Posts

~ Door Naaiatelier Krul ~

In deze blog zet ik een oude en nieuwe naaimachine naast elkaar. Kunnen de machines hetzelfde? Welke machine is het meest geschikt voor een beginner? Wat zijn voor- en nadelen? Lees het hier 🙂

Veel mensen die bij mij op naailes komen hebben de volgende vragen; kan ik aan de slag met de oude machine van (ouder) familielid? Zal ik een nieuwe kopen en welke prijs is goed? Kan een nieuwe machine meer dan een oude? Ik neem je mee in een vergelijking tussen 2 machines. Een Anker naaimachine uit de jaren ’60 (productie gestopt) en een Brother naaimachine die nu te koop is.

Het gaat er niet om welke machine beter is, maar de vergelijking tussen oud en nieuw. De Anker is mechanisch, de Brother is electronisch. Ze zijn beide elektrisch. De Anker naaimachine is nagekeken en werkt.

Ik test de machines op de volgende punten:

  • het inrijgen van de machine
  • het naaien van basis steken op katoen
  • het naaien van basis steken op tricot
  • het maken van een knoopsgat
  • extra vergelijkingspunten, onder andere kosten.

En tussendoor geef ik nog wat gouden tips.

Het inrijgen van de machine

Op de Anker naaimachine zijn 2 opklap pinnen gemaakt, je ziet vrij duidelijk dat daar een klosje garen op moet. Het 2e pinnetje gebruik je bij een tweelingnaald. Hoe je daarna het garen inrijgt vergt een aantal stappen. Gelukkig staat er een afbeelding op de machine (A t/m I), waar je ziet hoe het garen moet lopen. De meeste oude machines hebben dit niet, raadpleeg dan de gebruiksaanwijzing.

Het spoeltje (dat kleine platte klosje wat je zelf moet opwinden met de machine) gaat onderin de machine. Daar heb je de gebruiksaanwijzing wel voor nodig. Het kost de nodige stappen en handigheid om dat er juist in te doen. Klepje open, spoelhuisje eruit, spoeltje op juiste wijze in dat huisje, draad erdoor trekken, spoelhuisje weer in de machine zetten, klepje dicht.

Als laatste stap moet je het garen van het spoeltje nog naar boven halen (zie gebruiksaanwijzing) en dan kan je beginnen met naaien. 🙂

Op de Brother naaimachine zet je het klosje ook bovenop de machine. In dit geval op een uitklap pin en er moet een schijfje op, zodat het klosje er niet af valt. Op de machine staat een afbeelding en met cijfers en pijltjes staat aangegeven hoe je deze inrijgt. Er staat ook een afbeelding hoe je inrijgt voor het opwinden van een spoeltje, handig.

Het spoeltje gaat zichtbaar van bovenaf in de machine. Dit is nieuw en een gebruiksvriendelijke verandering ten opzichte van oude machines. Er staat weer een afbeelding bij hoe je het spoeltje plaatst. Klepje er af, spoeltje erin, draadje langs een paar punten halen, klepje erop.

Bij deze machine kan je meteen beginnen met naaien, je hoeft het onderdraad niet naar boven te halen. Dit geldt niet voor alle nieuwe machines.

Mijn oordeel: De nieuwe machine is duidelijk makkelijker in te rijgen. Doordat je minder stappen hoeft te doorlopen en meer wordt gestuurd met afbeeldingen. Maar bij beide moet je doorhebben wat de bedoeling is; een klosjes garen van boven en een spoeltje met garen van onder. En het garen door de naald steken, 3x is scheepsrecht.

Tip: Als je ergens een foutje maakt, haakje overslaan of verkeerde richting van afwikkelen van het spoeltje, zie je dit terug in het stiksel. Er komen lussen of het garen breekt meteen. Eerste stap is het inrijgen nalopen of even opnieuw doen. Vaak is je probleem dan al verholpen.

Het naaien van basis steken op katoen

Ok laten we beginnen met een lapje katoen. Een rechte steek, met afwerken aan het begin en het einde. Een zigzagsteek en een stapsgewijze zigzagsteek. Deze 3 steken gebruik ik het meeste en zijn daarom interessant om te vergelijken. Voor de Anker machine gebruik ik zwart garen en voor de Brother gebruik ik rood garen.

Voorkant van de proeflapjes

Beide machines maken prima steken. De rechte is netjes, met afwerking aan begin en einde. Bij elke machine zit de achteruit knop ergens anders. Bij de zigzag van de Anker naaimachine moest ik wat uitproberen om de juiste lengte en breedte te krijgen. Dit staat niet zo duidelijk op de draaiknoppen. Bij de Brother naaimachine kies je uit een steek op het display en daarna kan je de lengte en breedte aanpassen.

Achterkant van de proeflapjes

Oeps, aan de achterkant van de lapjes, zie ik dat de spanning van de Anker naaimachine niet helemaal goed is. Hoe zie ik dat? Steken met een naaimachine moeten er aan de voor en achterkant bijna precies hetzelfde uitzien. De spanning tussen het boven- en onderdraad moet gelijk zijn. Bij de zigzagsteken met zwart, zie je op de achterkant van het proeflapje geen mooie zigzaggen, maar een smallere lijn. De draden trekken aan elkaar. Dit ziet er minder mooi uit en is ook minder stevig.

Om dit op te lossen, raadpleeg je de gebruiksaanwijzing van je naaimachine. Daar staat uitleg over welke knoppen of schroefje je moet draaien om dit goed te krijgen. Komt je naaimachine net uit de winkel of is deze net nagekeken door een reperateur, dan moeten de steken meteen goed zijn. Vaak zit er nog een proeflapje onder het voetje, waar de reperateur of controleur van de fabriek proefsteken op heeft gemaakt.

Tip: ga niet zomaar aan knoppen draaien. Maak eventueel eerst een foto van de knoppen, wat hun begin stand waren. Zo kan je weer terug naar ‘af’ en bijvoorbeeld het inrijgen nog een keer checken. En naai altijd eerst op een proeflapje; een stukje van de stof die je gaat naaien, in de dikte (bijvoorbeeld 2 of 3 lagen) die je gaat naaien. Test de steken die je wilt gebruiken. En bekijk vooral de achterkant, of alles er mooi uit ziet.

Mijn oordeel: beide machines naaien de basissteken op katoen. Afwerken gaat ook bij allebei goed. Mijn ervaring met deze oude machine is dat de spanning sneller fout zit dan bij de nieuwe machine. Heeft jouw/de oude machine lang stil gestaan? Laat deze dan even nalopen bij een reperateur. Dan naaien ze vaak weer als een zonnetje.

Het naaien van basis steken op tricot

Nu gaan we een stapje verder, namelijk met een tricot lapje. Veel mensen willen ook t-shirts of kinderkleding naaien en daarvoor moet de machine net iets meer kunnen dan alleen recht en zigzag.

Een rekkende steek voor een naad in tricot

Tot mijn verbazing zat er een steek op de Anker naaimachine die je kunt gebruiken voor rekkende stoffen. Het is een herhalende steek, die er voor zorgt dat als je aan de stof trekt, de steek mee rekt. En niet knapt. Want de steek moet evenveel kunnen meerekken als de stof, om knappende naden te voorkomen. Op de Brother machine gebruik ik hiervoor een mini-zigzag, een bliksemschicht.

Boven Brother, onder Anker

Beide steken zien er aan de goede kant, de kant waar je tegenaan kijkt, prima uit. De Anker machine heeft wel wat meer getrokken aan de stof, daardoor is de naad wat bobbeliger.

Een afwerking steek voor een zoom in tricot

En hier zie je de stapsgewijze zigzagsteek. Deze gebruik ik voor het makkelijk afwerken van zoomen. Zoals de onderkant van je shirt of de mouwen. Bij de Anker machine was het weer even zoeken naar de steek lengte. Deze steek als zoom, bijvoorbeeld bij je pols, rekt dus mee met de stof.

Mijn oordeel: Ook met tricot weten beide machines raad. Dat valt me eigenlijk wel mee. Wat dat betreft hoeft deze oude machine nog niet aan de kant geschoven 😉 Ik vind het eindresultaat van de Brother wel iets netter.

Het maken van een knoopsgat

Nog een stapje verder, een knoopsgat maken. Nieuwe naaimachines pochen met hun makkelijke knoopsgaten functies. Eens kijken of dat waar is.

Beide machines hebben een speciaal voetje voor een knoopsgat. Links de Anker machine en rechts de Brother. Helaas, ook met de gebruiksaanwijzing van de Anker naaimachine, krijg ik geen knoopsgat voor elkaar. En ik heb echt al op tientallen oude en nieuwe machines genaaid. Ik vind de gebruiksaanwijzing ingewikkeld en de draaiknoppen en verschillende stappen die je moet doen, het wordt niks.

De Brother doet wel wat die belooft. Lapje eronder, knopje indrukken en hij maakt het knoopsgat helemaal automatisch.

Mijn oordeel: een knoopsgat maken, daar kan je tegenop zien. De Brother naaimachine kan het je door middel van software (electronisch) dus heel makkelijk maken. Maar vrees niet, ik heb op andere oude naaimachines wel mooie knoopsgaten gezien. Daarbij waren de stappen duidelijker.

Extra vergelijkingspunten

Gewicht… dat is nogal een verschil! De Anker naaimachine weegt 9 kilo. Deze Brother naaimachine is extra lichtgewicht en weegt 4 kilo. Het is ook duidelijk te zien en te voelen dat de Anker voornamelijk uit metalen onderdelen bestaat, behalve het tafel en bakje gedeelte wat je er af kan halen. De Brother heeft metalen onderdelen vervangen door plastic wat hem zo licht maakt. Sommige onderdelen voelen daardoor minder stevig. Onderdelen van nieuwe machines zijn bij te bestellen, als een repareteur hem onder handen neemt.

Als je de machine weinig verplaatst, omdat je een vaste werkplek hebt, maakt gewicht niet zoveel uit. Als je de machine uit de kast of van zolder moet halen of je wilt je de machine meenemen naar les of een vriend(in), maakt gewicht meer uit. Er zijn ook naaimachine tassen en trolleys die vervoer makkelijker maken.

Kosten… als je begint met naaien en je krijgt van iemand een oude naaimachine, scheelt dat in je portemonnee. Heeft de machine lang stil gestaan, reken dan tussen de €50,- (nakijken) en €100,- (onderdeel vervangen) aan reperatiekosten.

De Brother naaimachine in deze vergelijking kost €350,- Speciaal lichtgewicht, voor vervoer en lesgeven.

Je hebt nieuwe naaimachines vanaf €100,-. Maar deze machines naaien, zoals iets wat goedkoop is; ze maken meer geluid en kunnen sneller problemen krijgen. Ook de accessoires erbij zijn goedkoper. Een oudere machine (van een goed merk) laten opknappen bij de naaimachine reparateur is dus zeker een optie. Of een tweedehandse bij de naaimachine winkel.

Machines van €500,- en meer koop je meestal pas als je dagelijks wil gaan naaien en graag allerlei siersteken en foefjes wilt. Of omdat je gewoon verliefd wordt op een mooie 😉

Steken kiezen… de oude machine vraagt wat inzicht in knoppen draaien en steken uitproberen. Je ziet niet meteen wat je gaat naaien. De nieuwe machine geeft de steken op de machine aan met een afbeelding. Met de knopjes kies je de steek en je kan meteen naaien. De software zorgt dus voor het verplaatsen van de naald en het veranderen van de breedte en lengte.

Nog een extra tip: Laat de draden na het afknippen altijd lang, 5 cm. Zo voorkom je, zeker bij oudere machines, dat je garen steeds uit de naald vliegt!

Eind conclusie: Verschillende mensen, verschillende wensen 🙂

Maar ben jij een beginner die gewoon aan de slag wilt en lekker wil puzzelen met een machine? Dan kan je prima op een oude machine aan de slag. Jij komt er wel uit. Ga gewoon beginnen met een tas of eenvoudige jurk.

Maar ben je een beginner die “help” roept bij knappende draden of uitdagende gebruiksaanwijzingen? Dan is een nieuwe machine waarschijnlijk meer geschikt voor jou, waarbij de machine zelf je meer op weg helpt. (Wist je dat de Brother naaimachine een foutmelding geeft, als je iets vergeet te doen? Het is net een naaijuf hahaha).

Groeten,

Ineke

PS. Wil je machines uitproberen? Dit kan vrijblijvend bij naaimachine winkels. Maar ook bij mij op les.

~ Door Naaiatelier Krul ~

Er zijn vele boeken op de markt om je te helpen met ontwerpen en naaien van kleding. In deze blog lees je mijn mening en ervaring met het boek: Zero Waste Sewing, 16 projects to make, wear and enjoy – Elizabeth M Haywood

Een van de manieren om duurzaam te naaien, is minder afval produceren. Maar met het knippen van de meeste patronen, houd je allerlei raar gevormde stukken stof over. Daar kan je natuurlijk kleine projectjes mee maken, een kussen mee vullen of weggooien. Maar wat als je kunt naaien, zonder reststof? Kan dat? Ik test het voor je, aan de hand van dit Engelstalige boek.

Voor wie is dit boek bedoeld?

Dit boek is gemaakt voor beginners en gevorderden. Het boek neemt je stap voor stap mee in de wereld van naaien zonder rest stof. De patronen zijn van verschillend niveau, je moet wel de basis van naaien kennen om hiermee aan de slag te gaan. Een beginners kledingstuk is bijvoorbeeld een wrap skirt(omslag/wikkel rok). Een gevorderde kledingstuk is bijvoorbeeld een hooded blouson(top met capuchon).

De patronen teken je zelf, soms op patroonpapier en soms direct op de stof. Je gebruikt je eigen maten, zoals; borstwijdte + 5 cm. Wat het vertalen van het Engels naar het Nederlands iets makkelijker maakt, is dat ze in Australië ook met centimeters werken en niet met inches. Dus 5 cm is gewoon 5 cm 😉

Ook zijn de patronen uit dit boek voor een breed scala aan maten bedacht. Of er staat een tip hoe je een grotere maat kan maken. De benodigde hoeveel stof en de soorten stof, staan aan het begin van het patroon genoemd.

instructies met tekeningen

Wat vind ik van de inhoud?

Om een goeie mening te vormen over de haalbaarheid van het Zero Waste principe, heb ik een aantal kledingstukken getest. De hooded blouson, de one seam en de wrap trousers. Ook heb ik wat geëxperimenteerd, met het maken van een kinder badjas, zonder restjes. Die vind je op instagram @naaiatelierkrul.

Top met capuchon

beginnen met een grote lap stof en eindigen met een kledingstuk en een handjevol restjes

Hoodie met mouwen, natuurlijk moest ik weer mijn eigen draai aan het patroon geven

Deze hooded blouson/hoodie is bedacht voor niet rekkende stof. Ik heb het uitgeprobeerd met een rekkende stof en er mouwen aan gezet. De instructies voor het inzetten van de rits was anders dan ik gewend was, maar het is heel netjes geworden. In plaats van de stof aan de zijkanten te laten blousen, met de zakken erin, heb ik de zakken gebruikt om mouw boorden te maken. En de flapjes op het voorpand genaaid, als diepe zakken. Eindelijk een zak waar je telefoon in past en er niet uitvalt als je bukt 😉

En het is dus gelukt, met enkel een handjevol restjes! Ik heb hier 1,5 m bij 1,5 m voor gebruikt en 2 rechthoeken van een andere stof voor de mouwen. De rest van de lap stof, want ik had een grote lap, is bruikbaar voor een ander kledingstuk. Geen rare resten, waar je met rekbare stof maar beperkt wat mee kan.

Wikkel broek

   

Dit patroon voor een wrap trousers/wikkelbroek maakte ik volledig volgens instructie, van een niet rekkende afrikaanse waxstof. Alternatieve broeken is helemaal in mijn straatje, maar in een neutrale kleur kan iedereen zo’n broek aan 🙂 Er zit een ritssluiting en knoop middenvoor of middenachter. En je kan de flappen op meerdere manieren om de broek laten gaan.

Ook hier hield ik maar 1 reepje stof over, waar ik nog een scrunchie (haar elastiek van stof) of armbandje van kan maken. Broek patronen houden bijna altijd lange schuine stukken stof over. Dit patroon gebruikt een spiegeling (tessellating, denk aan de kunstenaar MC Escher, puzzels, tegels en honingraad), waardoor de voor- en achterkant tegenover elkaar uit de stof worden geknipt. Als je het ziet, snap je het. En natuurlijk zitten er zakken in de broek.

Ik was blij verrast hoe goed de broek past, maar aanpassingen zijn ook makkelijk te maken met deze manier van naaien. Zoals in de capuchon van de hoodie, daar heb ik 2 extra plooien gemaakt, zodat deze beter in de hals opening paste. Je leert creatief aanpassen, want dat mag!

Kledingstuk uit 1 stuk

 

En de one seam/kledingstuk uit 1 stuk? Dat was een lange leerzame weg. Weer had ik een rekbare stof gekozen, namelijk een ribstof met vleug. Het patroon in het boek geeft stofadvies, in dit geval geen rekkende stof, haha. Deze stof is al een uitdaging om mee te naaien, zonder dat je aan het puzzelen gaat met wilde ideeën (vooral die van mij, het patroon is eenvoudig). Daar heb ik uiteindelijk een leuke top van gemaakt, met veel veranderingen onderweg. En hoe meer veranderingen ik maakte, des te meer restjes hield ik over. Dus een goed plan en patroon vantevoren, helpt echt om te naaien zonder afval. Van de restjes ben ik nu meer leuke scrunchies aan het maken.

Met een niet rekkende stof, kan je de restjes makkelijker verwerken. Je hoeft dan geen rekening te houden met de rek richting van de stof. Een reepje stof kan dan makkelijk het ophang lusje van het kledingstuk worden.

Heeft dit boek mij geholpen? Of wat doe ik er mee?

Ik ben echt enthousiast geworden, over het zero waste denken. Maak van reststukjes de zakken en laat de vorm van die stukken stof, de vorm van de zak bepalen. Of maak patroondelen rechter of simpeler van vorm, waardoor er geen restjes tussen de patroondelen ontstaan. Dat hoef je niet allemaal zelf te bedenken, dat leer je in dit boek. Maar als je een gevorderde naaister bent, kan je dit principe dus breder gaan toepassen.

Conclusie!

Wil jij duurzamer omgaan met je stof of een leuke uitdaging aangaan? Dan is dit boek echt wat voor jou. Maak ook als je van eenvoudige patronen houd, die je in meerdere stoffen wilt uitvoeren, kan je uit dit boek leuke kledingstukken maken.

Groeten,

Ineke

Ps, voor meer zero waste sewing inspiratie, kan je je inschrijven op de nieuwsbrief van de schrijfster, gratis patronen vinden en haar volgen op instagram:lizhaywood3754. Ook kan je eens zoeken op youtube, op zero waste sewing. Daar vind je ook patronen en inspiratie van diverse kleding en stijlen.

 

~ Uitleg door Naaiatelier Krul ~

In deze blog leer je hoe je een rits in een jas vervangt. Op de foto’s zie je stap voor stap hoe het moet. Zo maak je van een kapot kledingstuk, weer een draagbaar eindresultaat. Het lijkt moeilijk, maar grote kans dat jij dit kan 🙂

Om een rits te vervangen, heb je het volgende nodig:

Naaimachine met ritsvoetje, garen, tornmesje, schaartje, rijggaren en naald (staan niet op de foto)

  • Je kledingstuk, waarvan de rits echt kapot is. ECHT kapot? Ja, want soms kan je de rits met wat trucjes weer laten lopen (zoek even op internet). Maar als de rits echt gescheurd is, de runner kwijt is of als er tandjes missen, is het tijd voor een nieuwe rits.
  • Rits, even lang en stevig als de oude rits, of steviger 🙂 Als deze rits een paar centimeter te lang is, geeft dit niet. Let op: dat het een deelbare rits is, dus dat deze onderaan open kan.
  • Naaimachine met ritsvoetje, wordt bij elke machine bijgeleverd.
  • Dikke naaimachine naald (bijv maat 90, jeansnaald), want je naait door meerdere lagen stof en door een ritslint.
  • Garen dat kleurt bij de buitenkant van de jas en een spoeltje dat kleurt bij de binnenkant. Of allebei dezelfde.
  • Rijggaren en naald
  • Tornmesje en schaartje

Lees de instructie eerst een keer helemaal door, zodat je geen overhaaste dingen doet. Daarna gaan we stapje voor stapje 🙂

Kapotte rits, onderkant is gescheurd

Even lange rits, een paar centimeter langer geeft niet

Een deelbare rits, anders kan je jas niet open

Stap 1) Haal de rits uit de jas, met een tornmesje. Je snijdt voorzichtig het garen door, waarmee de rits zit bevestigd. Let op: ga er niet te ruw doorheen, dan kan je de stof beschadigen. Gewoon rustig om de 3 lusjes doorsnijden. En dan zachtjes trekken, dan gaan de tussenliggende lusjes ook los.

oude rits losmaken met tornmesje

Stap 2) Speld de nieuwe rits tussen de buitenkant van de jas en de voering (binnenkant van de jas). De rand van de stof zit naar binnen gevouwen. Je begint onderaan, zodat de onderkanten van de ritsen gelijk komen. Als je een speld door de stof en het ritslint (reepje stof aan je rits) prikt, kijk je daarna of de speld ook door de voering gaat. Je wilt 3 lagen aan elkaar gaan naaien, dus let bij het spelden dat je door 3 lagen gaat.

De tanden van de rits moeten ver genoeg van de stof vandaan zitten, zodat de runner er langs kan. Probeer maar even na het spelden, of je het niet te strak op de tanden hebt gespeld.

De oude draadjes laat ik soms zitten, zodat ik kan zien hoe de rits er origineel in zat. Je ziet ook vaak gaatjes in de stof, waar het garen eerst zat. Maak eventueel een foto voor je begint of kijk bij een andere jas, hoe het ook alweer zat.

nieuwe rits gespeld

Binnenkant van de jas. Ook de voering moet vast komen te zitten, let op met spelden

Is je rits aan de bovenkant van de jas iets te lang? Vouw het teveel aan rits dan naar binnen, tussen de 2 lagen stof van de jas. Als je het afknipt, houd je namelijk een rafelig stukje ritslint over. Dat is niet zo mooi. Ook wil je niet dat de runner van de rits eraf kan vliegen. Dat kan gebeuren, als je het bovenste stukje van de rits afknipt, daar zit namelijk een stoppertje.

iets te lange rits, aan de bovenkant

naar binnen gevouwen en vast gespeld

Stap 3) Rijg de rits vast, met steken van 1 cm. Dit is dus niet het definitieve vastnaaien, maar een tussenstap. Zo kan je rustig en gecontroleerd de 3 lagen bevestigen. Je gebruikt hiervoor rijggaren en een naald. Rijggaren, is een los gedraaid garen, wat makkelijk breekt. Daardoor kan je het na afloop weer makkelijk verwijderen. Zelfs als je erover heen genaaid hebt met de naaimachine. Kies een opvallende kleur. Ik heb rood en wit, een van die kleuren valt altijd wel op.

Zit de rits goed vast geregen? Dan kan je de spelden weghalen. De rits zit nu vast genoeg om bijvoorbeeld te passen. Om te checken of de rits goed open en dicht gaat. Zonder spelden, wordt naaien veel makkelijker, want de stof zal niet meer verschuiven. Bovendien heb je zoveel lagen om in de gaten te houden, dan je het jezelf makkelijker wilt maken. Rijgen is dus echt handig!

vast rijgen, met rijgdraad en een naald

je ziet al een glimp van het eindresultaat! Dus rijg netjes, dan wordt het straks een nette rits

Stap 4) Nu gaan we naaien! Rijg je klosje garen in de machine en doe het spoeltje onderin. Het klosje is de kleur van de buitenkant van je jas en het spoeltje voor de binnenkant van je jas. Bijpassend garen staat netjes en je ziet fouten minder goed. Je kan ook de kleur kiezen waarmee de rest van de jas is genaaid.

Zet er een stevige naald in, omdat je door meerdere lagen stof en het ritslint gaat naaien. Bijvoorbeeld maat 90, een jeansnaald of dikke universele naald. Vooral het begin van de rits, waar een stukje plastic de rits verstevigd, heeft de kracht van een dikke naald nodig. Anders breekt je naald misschien of wordt het een klittenboel aan lussen en knopen.

Waarvoor is nou dat ritsvoetje? Het ritsvoetje zorgt ervoor, dat het voetje van de naaimachine OP de tanden van de rits kan glijden. Daardoor kan je veel dichter NAAST de rits naaien. Een gewoon voetje, kan niet scheef op de rits glijden en dan goed naaien, dat gaat fout. Je kan er wel helemaal naast naaien, voor een tweede rij steken. Raadpleeg het instructieboekje van je machine hoe jouw ritsvoetje werkt.

 

Je kan boven of onderaan beginnen, dat maakt nu niet uit, omdat alles vast is geregen. Zorg je ervoor dat je kledingstuk links van je ligt, want daar is ruimte. Verstevig het begin en einde van je naaien, door 3 steken naar voren, 3 steken naar achter en dan verder naar voren te naaien. Dit noemen we afwerken. Aan het einde doen we het tegenovergestelde. Je naait tot het einde, naait dan 3 steken naar achter en weer 3 naar voren. Afknippen en klaar.

zo gelijk als je kan hihi

Gebruik dus het ritsvoetje, om zo dicht mogelijk naast de rits te naaien. Gebruik eventueel je gewone voetje, om een tweede rij steken te maken. Dat geeft extra stevigheid en garandeerd dat je de voering van de jas ECHT hebt mee genaaid. Hieronder zie je het verschil nog een keer op de foto’s.

Kom je de runner van de rits tegen, laat de naald in de stof, til je voetje op en je kan de runner erlangs ritsen. Laat het voetje weer zakken en je kan verder naaien. Naai niet zomaar langs de runner, want die duwt het voetje opzij. Dat zie je dan, als een slingerende auto op een weg, je stiksel gaat niet recht, maar met een slinger.

Het rijggaren laat je zitten, totdat je helemaal klaar bent en zeker bent van je eindresultaat.

Naaien met het ritsvoetje, je ziet dat het voetje dus over de tanden kan glijden en je kan dicht naast de rits naaien.

Naaien met gewoon voetje. Het voetje glijdt dus naast de tanden van de rits. Kom je de runner tegen, laat de naald in de stof, til je voetje op en je kan de runner erlangs ritsen.

Maak je een foutje? Doordat je de voering niet goed hebt meegenaaid (een gapend gat) of juist teveel stof (een plooi). Geen nood, haal het los en doe dat stukje opnieuw. Haal het genaaide stukje uit met het tornmesje. Begin daarna op het stukje wat nog netjes vast zat, verstevig weer door een paar steken naar voor en achter te gaan, en vul het foutje op met nieuwe steken. Eindig op het resterende stuk dat weer netjes genaaid was en werk weer af, door een paar steken naar achter en voren te naaien.

oeps, hier heb ik de voering verkeerd meegenaaid. Ik kan het losmaken, want het rijggaren zorgt ervoor dat de stoffen mooi op elkaar blijven zitten. Foutje, gewoon losmaken en opnieuw.

Stap 5) Controleer op de rits helemaal vast zit. Dus geen gapende gaten, waar de voering niet is mee genaaid. Of plooien, waar je teveel voering hebt meegenaaid. Los je foutje op, geeft niks.

Werkt de rits met open en dichtdoen? Zit deze er STEVIG in? Eventueel dus met een tweede rij steken ernaast? Dan mag je nu het rijggaren verwijderen. Snijd/knip om de 3 steken een lusje door en trek er zachtjes aan. Het garen breekt zo makkelijk, dat zelfs als je erover heen hebt genaaid, je het nog wel los gepeuterd krijgt. Zit het echt te goed vast? Knip het dan kort af bij de stof, dan zie je het niet meer.

rijggaren los trekken

Twee rijen steken, voor een stevige rits!

Wow, zit de rits erin? Dan verdien je wel een schouderklopje. 🙂 Een rits vervangen is best een uitdaging en zal niet altijd even mooi lukken. Maar aan die kapotte rits had je ook niks. Dus het zal zeker verbeterd zijn. Bovendien kan je er een betere rits voor in de plaats zetten. Goedkopere kleding heeft vaak goedkopere ritsen erin. Maar ook dure jassen kunnen stuk gaan op de rits, omdat ze veel te verduren krijgen. Denk aan kinderjassen, waarbij kinderen aan de ritsen trekken of waar zand tussen komt. Of een mooie tweedehands jas, die nog jaren mee zou kunnen gaan, als er een werkende rits in zou zitten. De moeite waard om daarmee aan de slag te gaan.

Oefening baart kunst, 100% waar, bij het vervangen van een rits. Dus geef het niet op, als je eerste rits niet zo mooi werd als je hoopte. Volgende jas, weer een kans 😉

Groeten,

Ineke

Yes, die jas gaat weer een lange tijd mee!

PS. Kom je er niet uit en wil je liever op naailes? Van harte welkom bij Naailes Naaiatelier Krul in Nijmegen Lent.

~ Door Naaiatelier Krul ~

Er zijn vele boeken op de markt om je te helpen met ontwerpen en naaien van kleding. In deze blog lees je mijn mening en ervaring met het boek: Handboek voor zelfmaakmode van Knipmode.

Er zijn verschillende manieren om iets te leren; via live les, online cursus of uit een boek. Maar soms wil je iets specifieks nazoeken, zoals een rits inzetten of een split. Daar is een basisboek handig voor. Hele nieuwe of misschien juist een goeie oude (Bonus einde van deze review)?

Basisboek naaien

Achterkant boek

Voor wie is dit boek bedoeld?

De cover zegt het al; voor beginners en gevorderden. Nu ben ik zelf geen beginner meer, maar de mensen die bij mij les volgen meestal wel. Tekst uitleg en het vakjargon is vaak te moeilijk, dus ben je aangewezen op de afbeeldingen. Dat maakt het boek wel waar. Stap voor stap uitleg met illustraties. Kijk maar even mee.

Inhoudsopgave met tabbladen

inkijkje in het boek

Wat vind ik van de inhoud?

Stel ik wil weten hoe ik een zak naai. In de inhoudsopgave is hoofdstuk ‘zakken’ makkelijk te vinden. Met het tabblad ben je er zo. Per hoofdstuk is er een algemene inleiding en zijn er meerdere variaties op zakken. De illustraties zijn getekend met potlood of met de computer, beide in zwart/wit. Ze gebruiken verschillende grijstinten voor de voorkant van de stof (de ‘goede’ kant) en de achterkant van de stof (de ‘verkeerde’ kant). Dat is fijn, want het blijft een 2D plaatje, van iets wat je zelf in 3D uitvoert.

Je hebt wel een beetje kennis nodig, van woorden als; voorpand (een patroondeel/onderdeel van je kledingstuk wat aan de voorkant van je lichaam komt) of deelnaad (het aan elkaar naaien van 2 delen van een patroon/onderdeel, wat samen 1 geheel gaat vormen). Maar daarvoor kan je ook het hoofdstuk ‘Naden en stikken’ openslaan, dan word je al wat wijzer.

Er staan alleen technieken en werkwijze in, je kunt met dit boek geen volledig kledinstuk in elkaar zetten. Maar er staan zoveel handige hoofdstukken in. Zoals; patronen aanpassen op jouw maat, alle soorten sluitingen met knopen, ritsen of haakjes, plooien en rimpelen, voering en zomen. Echt een compleet naslagwerk zou ik zeggen.

Zak uitleg

Close up van rits uitleg

Heeft dit boek mij geholpen? Of wat doe ik er mee?

Waar ik het meest gebruik van maak, zijn de afbeeldingen bij de stap voor stap uitleg. Als ik iemand wil laten zien hoe je een zak naait, laat ik vaak het eindproduct zien. Een zelf genaaide broek of een voorbeeld zak die genaaid is van lapjes. Maar dan heb je al het eindproduct. Het handboek laat de stapjes zien, om er te komen. Of verschillende variaties, van bijvoorbeeld een tailleband.

Zelfmaakmode tijdschriften, bevatten vaak alleen tekst in de omschrijving. Elders in het blad kan je vaak wel wat techniek uitleg vinden, maar er is niet genoeg ruimte voor elke stap. Dus naast een patroon uit een tijdschrift of een los gekocht patroon, is dit boek echt handig voor duidelijke uitleg.

Bonus

Tweedehands handboek

Inhoudsopgave

Als bonus laat ik ook een ouder boek zien, uit 1981. Ook uitgegeven door Knipmode, in samenwerking met Margriet. Is dit boek ouderwets? Nee dat valt reuze mee, want de basis naaitechnieken zijn al heel oud. Natuurlijk zijn er inmiddels nieuwe stoffen uitgevonden, waar ook andere naaimachinenaalden of foefjes bij horen. Maar de basis blijft hetzelfde. Een opgenaaide zak, achterop een spijkerbroek, is al sinds de uitvinding van de spijkerbroek hetzelfde. En een kraag, blijft een kraag. Hoe groot en opvallend of klein en subtiel die ook is. Mode veranderd, maar komt ook weer terug. Een patroon van een ‘flared’ wijde pijp jeans uit de jaren ’70 is dit jaar weer te gebruiken.

Dit boek heeft ook weer een uitgebreide inhoudsopgave, waar je zoekt wat je nodig hebt. De hoofdstukken hebben afwisselende zwart/wit foto’s, tekeningen en kleurenfoto’s. De kleurenfoto’s van dit boek vind ik nog beter dan het moderne boek, door contrasterende stoffen. De zwart/wit foto’s vind ik juist weer onduidelijker.

Het scheelt nogal in prijs, om online of in een kringloopwinkel een tweedehands boek op de kop te tikken. Dus voor elk budget is er een basisboek!

Sommige voorbeelden zijn in kleur, andere zwart/wit

Voor de catlovers, uit pre-instagram tijd

Conclusie!

Ja, ik raad een basisboek of handboek zeker aan! Alle uitleg per hoofdstuk na te slaan, in 1 boek. Maar of dat boek uit 1981 of 2021 komt, maakt niet zo heel veel uit. Kies een boek wat jou aanspreekt of waarvan jij de afbeeldingen het duidelijkste vind.

Groeten,

Ineke

PS Tip: er zijn soms meerdere wegen naar Rome. Je kan een zak of mouw soms op 2 manieren inzetten. Let dus op, dat jouw patroon uitleg niet linksom en het handboek rechtsom zegt, want dan raak je de weg kwijt 😉

En kom je er niet uit? Kom dan gezellig op les 🙂

~ Door Naaiatelier Krul ~

Er zijn vele boeken op de markt om je te helpen met ontwerpen en naaien van kleding. In deze blog lees je mijn mening en ervaring met het boek Naaien met de lockmachine van Julia Hincks.

Heb jij een lockmachine staan, te leen, gekocht of gekregen, maar heb je er nog weinig mee gedaan? Ik snap het, want deze machine is net even anders en iets ingewikkelder dan de naaimachine. Een steuntje in de rug is fijn, wie weet is dit boek wat voor jou.

De voorkant

Voor wie is dit boek bedoeld?

Naaien met de lockmachine (oorspronkelijke titel: The serger’s technique bible) is mijns inziens bedoeld voor beginners. Het begint bij de basis, de anatomie van de lockmachine. Hoe heten alle onderdelen? Transporteur, mesje, draadgeleider… Natuurlijk is elke machine net anders, maar ook met deze uitleg kom je een heel eind. Tip: lees ook altijd het instrucieboekje van je eigen machine door! Of leg het ernaast om te vergelijken.

Het boek neemt je mee met een van de lastigste dingen van de lockmachine, het INRIJGEN. Want het is niet 1 draad door een naald, maar 4 verschillende draden door een verschillend inrijgsysteem. Komt wel goed hoor, de meeste nieuwere machines gebruiken kleurcodes om het makkelijker te maken. Het boek raadt aan om in te rijgen met 4 verschillende kleuren, zodat je ontdekt hoe elke draad loopt en waar je deze terugvind in het gelockte resultaat. Dat is erg handig bij het vinden van een fout; aha, het is de blauwe!

Aan de slag

Wat vind ik van de inhoud?

Ik vind het boek logisch opgebouwd. Met de basiskennis eerst, dan de technieken en vervolgens snelle projecten om te oefenen. Het boek is uitgebreid, er staan ook hulpstukjes in, waarmee je zelfs kraaltjes of biaisband met de lockmachine op je kleding kan bevestigen.

Duidelijke kleurenfoto’s

Het boek is niet zo dik, maar er zit genoeg informatie in. Een makkelijk boekje om erbij te pakken als je bijvoorbeeld je steken niet netjes krijgt.

Het risico van kleurenfoto’s en modellen, is dat stof en mode tijdsgevoelig zijn. Het boek is vrij recent, 2014 geschreven, 2016 vertaald, maar de dame die een van de snelle projecten draagt lijkt wel uit de jaren?? te komen. Prik daar doorheen, want je maakt gewoon je eigen stijl en gebruikt de stoffen die jij leuk vind. Ongeacht welke kleuren een model in een boek of zelfmaakmodetijdschrift draagt. Mode maak je zelf 🙂

Uitleg extra accesoires

Heeft dit boek mij geholpen? Of wat doe ik er mee?

Bij het kopen van mijn Juki lockmachine, heb ik meteen dit instructieboek gekocht bij de naaimachine winkel. Ik wilde een naslagwerk en niet overal voor op Youtube hoeven kijken. Het bleek een goeie aanschaf, want ik heb de basis echt met dit boekje geleerd. Maar belangrijker nog, gewoon beginnen en een lapje onder de machine doen. Ontdekken wat er gebeurt als je stof te strak vasthoudt (spoiler, dan gaat je stof door de gelockte rand golven) of te los vasthoud (dan ga je scheef!)

Ik gebruik mijn lockmachine voor het afwerken van rafelige patroondelen, zoals geweven stoffen of losse gebreide stoffen. Het naaien van makkelijke zakjes en tasjes (daarna afmaken met de naaimachine). Ik gebruik de lockmachine VEEL voor tricot en rekkende stoffen. Denk aan joggingsbroeken, t-shirts, jurken, een makkelijke rok. En het aanzetten van rekkende boorden, bij de pols, hals, heup of enkels.

De achterkant

Conclusie!

Dit basisboekje raad ik zeker aan voor beginners met een lockmachine. Maar ook voor mensen die hun machine al een jaartje gebruiken en willen uitbereiden qua functies of technieken. Betaalbaar en handzaam, handig naslagwerk bij ‘troubleshooting’ (wat gaat er mis en hoe los ik het op?). En een goeie uitbereiding op de handleiding van je machine.

Groeten,

Ineke

PS. Krijg je jouw machine niet aan de praat (ouder model, lang niet gebruikt of verkeerde knoppen gedraaid), ga dan even langs bij een naaimachine reparatie winkel of een naaimachine dealer. Ze kijken ‘m graag voor je na en daarna loopt tie weer als een trein!

~ Door Naaiatelier Krul ~

In deze blog geef ik uitleg over verschillende vormen en functies van linialen en meetlinten. Want bij naaien en kleding maken, komt heel wat meetwerk kijken. Lees hier over de handige linialen en meetlinten die ik gebruik.

Bij naaien en kledingmaken, komt veel meten voor. Welke maat moet ik maken? Hoe lang wordt mijn mouw? Hoeveel naadtoeslag moet ik tekenen? Om verschillende dingen te meten, gebruik ik verschillende meet ‘instrumenten’. Lees maar mee, misschien kom je een handige tegen die je nog niet wist, en wordt jouw kleding maken een stukje makkelijker.

Verschillende zoommaatjes

Zoommaatje

Dit kleine liniaaltje raad ik iedereen aan. Het is zo handig! Er staan vaste maten op; hop, daar heb je 4 cm te pakken, hop, een constante 1,5 cm paraat. De kleine afmetingen, 1, 1,5 of 2, gebruik ik bij het tekenen van naadtoeslag rond mijn patronen (bij NL, BE, DE en scandinavische patronen is geen naadtoeslag in het patroon verwerkt). De metalen zoommaatjes zijn iets preciezer en gaan langer mee. Bovendien kan je er ook overheen strijken, zonder dat ze smelten. Dat is bijvoorbeeld handig bij het omstrijken van een gordijn of rok zoom.

2 soorten meetlint

Meetlint

Natuurlijk het meetlint! Een super flexibele liniaal, waarmee je makkelijk de standaard maten opneemt; borstomtrek, tailleomtrek en heupomtrek. Deze maten heten ook wel; borstomvang/bovenwijdte, tailleomvang/taillewijdte en heupomvang/heupwijdte. Een onmisbaar meetinstrument voor elke kleermaker! Het 2e meetlint op de foto, heeft een schuifje. Hiermee kan je makkelijk jezelf meten, zonder dat het meetlint naar beneden valt als je hem loslaat. Van La Maison Victor, vlaams zelfmaakmode tijdschrift.

Geodriehoek en vierkante liniaal

Perfecte hoeken

Om perfecte hoeken van 90 graden te tekenen, is een geodriehoek of vierkante liniaal handig. Ze zijn transparant, dus je kan de draadrichting of het patroon op je stof er doorheen zien. Teken je bijvoorbeeld een borstzakje of boord, dan worden deze mooi recht. Deze geodriehoek is net iets groter dan op de middelbare school wordt gebruikt. Je kan er ook handig het midden van een patroondeel mee bepalen; 6,5 cm links van het midden en 6,5 cm rechts van het midden.

Gebogen vormen

Gebogen lijnen

Wil je een armsgat of halslijn tekenen, maar heb je niet zo’n vaste hand voor een mooie boog? Dan zijn deze gebogen vormen handig. Je zet een paar punten waar de boog langs moet gaan en schuift de boog zo, dat er een vloeiende lijn ontstaat. Het is een beetje oefenen, maar na een tijdje weet je precies welk deel van deze vormen je kunt gebruiken. Er zijn ook speciale gebogen linialen voor patroontekenen. Die staan hier niet op de foto. Op die linialen staan de standaard rondingen voor bijvoorbeeld armgat of heupronding.

flexibele linialen

Gebogen lijnen meten

Nog een keer het meetlint en een flexibele liniaal. Want met een meetlint neem je niet alleen je maten op, je kunt er ook gebogen lijnen mee meten. Zet de liniaal recht op de lijnen, begin bij een kant en schuif je vingers mee over de lijnen. Omdat het liniaal niet blijft staan, meet je dus stukje voor stukje. Met de flexibele liniaal heb je dat probleem niet, door het ijzerdraad in de liniaal blijft de vorm hetzelfde. Je kan hiermee 50 cm meten.

Lange linialen

Rechte lijnen

Een mouw, een broekspijp of een ‘recht van draad/draadrichting’ tekenen, daar gebruik je lange linialen voor. Met een kort liniaaltje of een meetlint, loop je het risico langzaam (of heel erg) af te wijken. Een lange rechte liniaal is dus heel handig. Ik heb verschillende soorten, want soms is de liniaal van 60 cm juist weer onhandig lang! Het liefst zou ik nog een liniaal van 1 meter erbij willen, die staat op mijn verlanglijstje 🙂

Plakbaar tafel liniaal

Meten op de tafel

Als laatste laat ik hier de tafelliniaal zien (zelfklevend meetlint). Ik heb op mijn werktafels in de lengte deze dunne opplakbare liniaals geplakt. Ze zijn 1,5 m lang en niet duur. Mijn tafels zijn maar 1,2 m lang, maar langs deze liniaal meet ik makkelijk de lengte van een lap stof. Net zoals op de kniptafel bij een stofhandel. Ook handig bij het inkorten van gordijnen of grote lappen. Bovendien is je hele tafel zo een liniaal, met een 90 graden hoek. Handige tip; is je stof langer dan je tafel, laat dan de rest van de stof op een stoel rusten. Anders rekt de stof uit of trekt het gewicht van de rest van de stof je knippen scheef. 😉

Ik hoop dat je weer wat wijzer geworden bent van al mijn linialen. En zoals bij vele ambachten; 2 keer meten, 1 keer knippen (of snijden of zagen of hakken of …)

Je kunt deze meetinstrumenten kopen bij een fournituren kraam/winkel (off- en online), bij de meeste stoffenwinkels of bij hobbywinkels. De meer speciale linialen zijn van het merk Prym. Prijzen varieren in winkels. Zoek ook eens in tweedehands winkels bij de hobbyspulletjes.

Meet-ze!

Groeten,

Ineke

PS. Wil je wat van deze linialen in actie zien? Op instagram laat ik regelmatig zien welk gereedschap ik gebruik bij het patroon tekenen, knippen en naaien van kleding. Insta: Naaiatelierkrul.

~ Door Naaiatelier Krul ~

In deze blog geef ik 2 ideeën over duurzaamheid in zelf kleding maken. Hergebruik van stof en slim gebruikmaken van restjes van andere projecten. Daar gaan we!

Allerlei soorten restjes stof

Waarom zou ik duurzaam omgaan met stof en kleding? In het maken van stof en in de kledingindustrie zit veel verborgen onrecht. Gebruik van giftige chemicaliën in het kleuren van stof, wat in het milieu terecht komt en mens en dier ziek maakt. En onderbetaling van mensen achter de naaimachine en strijkbout. Door duurzame keuzes te maken bij het kopen en maken van kleding, help jij mee aan een eerlijke wereld. Lees hier meer over op Schone kleren campagne.nl

Idee 1: Hergebruik van stof uit je eigen kleding

Zoveel kleding in je kast, draag je ze nog?

We hebben allemaal wel kleding in de kast hangen (zelfgemaakt, gekocht of gekregen) die we niet langer dragen. Mijn eerste idee is je ‘oude’ kleding gebruiken als stof voor een nieuw kledingstuk. ‘Upcyclen’ Let hierbij op dat je altijd iets kleiners of anders maakt dan het origineel, anders heb je niet genoeg stof. Door je eigen kleding te hergebruiken hoef je niks nieuws te kopen en krijgt de grondstof van het kledingstuk een tweede leven. Duimpje omhoog!

Een lange spijkerrok

In stukken geknipt, klaar voor hergebruik

Het eindresultaat

Op de foto’s zie je hergebruik van een lange wijde spijkerrok. Ik heb de rok deels uit elkaar geknipt en de rok van 4 panelen verkleind in 3 panelen. Nu heb ik een groot deel stof om het bovenstukje van deze Overall dress te maken. De tailleband zijn de schouderbandjes geworden. Een stukje reststof van een gordijn gebruikte ik als voering voor het bovenstukje.

Feestelijke slingers van een vintage tafellaken

Een nieuw schort van een vintage tafellaken

Naast kleding, kan je ook andere stoffen accessoires gebruiken voor hergebruik. Zoals gordijnen of een tafelkleed. Lekker veel stof om mee te werken. Zit er een vlek of scheur in? Knip dat deel eraf of naai er iets vrolijks overheen.

Volwassen kleding is ook erg geschikt om kinderkleding van te maken. Op YouTube vind je tal van voorbeelden om van een herenblouse een meisjesjurk te maken. Voordeel; je kunt bestaande onderdelen van de kleding heel laten, zoals een knopenpad of kraag.

Idee 2: Reststof gebruiken in een nieuw project

Blouse uit verschillende katoenen lappen

Als je al wat langer naait, heb je allerlei restjes stof van eerdere projecten. Of als je net begint, heb je misschien een tasje reststofjes gekregen van iemand. Van die restjes kan je kleine dingen naaien, zoals een haarbandje of etui, maar dit volgende idee gebruikt juist kleine delen stof tot een volledig nieuw kledingstuk.

Een biaisbandje als hals afwerking

Ook de zak is van een andere stof. De knopen maken het één geheel

Bij het maken van een kledingstuk teken en knip je meerdere patroondelen; mouwen, een pas, kraag of meerder panden voor de pasvorm. In plaats van dat je de rok, blouse, jurk of broek uit één soort stof naait, kan je hiervoor ook verschillende stoffen gebruiken die bij elkaar passen. Let op dat de stoffen dezelfde eigenschappen hebben, zoals evenveel rekbaarheid of ongeveer even dik.

Onesie uit 2 stoffen

Voorbeelden hiervoor zijn; de mouwen van een effen kleur maken, terwijl het lijfje van blouse, t-shirt of jurk een print heeft. Of een kinderbroek met een print en de enkelboorden en tailleboord van een effen stof. In Knipkids 1-2020 (voorheen Knippie) staan ook voorbeelden van patronen uitgevoerd in verschillende stoffen in 1 kledingstuk.

Maar ook jurken en rokken van stroken van verschillende stoffen geven een heel leuk effect! Je ziet hier ook voorbeelden van op de catwalk van grote merken voor 2020. Coulourblocking, dat betekend grote vlakken opvallende kleuren in 1 kledingstuk. En paternblocking, verschillende prints in 1 kledingstuk. Alles kan 😉

Het patroon van deze rok bestaat uit 4 delen aan de voorkant en 3 delen aan de achterkant. Hier kan je smalle restjes voor gebruiken

Een andere aanpak is een patroon kiezen, wat uit veel verschillende delen bestaat. Hiervoor heb je dan geen grote stukken stof nodig, maar kan je elk patroondeel uit een restje knippen.

Knip patroondelen in stukken, om kleinere stukken stof te kunnen gebruiken

Sommige patroondelen kan je ook zelf in stukken knippen, zoals een mouw uit twee delen of een voorpand horizontaal, verticaal zelfs diagonaal doormidden. Let op de draadrichting van je stof en extra naadtoeslag om deze nieuwe patroondelen weer aan elkaar te naaien.

Meer voorbeelden van de ideeën die ik heb genoemd, zie je ook in The great britisch sewing bee, seizoen 5 aflevering 5 “Reduce Reuse Recycle Week” waar alles draait om hergebruik van stof.

Ik hoop dat je geïnspireerd raakt om aan de slag te gaan met jouw oude kleding en restjes stof. Maak er wat moois van!

Groeten,

Ineke

PS. Wil je leren hoe je deze ideeën stap voor stap uitwerkt? Van harte welkom bij Naailes Naaiatelier Krul in Nijmegen Lent.

 

 

 

~ Uitleg door Naaiatelier Krul ~

In deze blog leer je hoe je een knoop aanzet. Op de foto’s zie je stap voor stap hoe het moet. Ik leer je een manier waardoor je knoop stevig vastzit. Komt goed, je kan dit. 🙂

Om een knoop aan te zetten heb je het volgende nodig:

Benodigdheden

  • Je kledingstuk
  • De knoop ~Ben je de originele knoop kwijt, kies er een die erop lijkt of die gewoon heel leuk is.
  • Een naald met een oog
  • Een klosje of stuk garen ~Het mooiste is als het dezelfde kleur is als je kledingstuk of dezelfde kleur als bij de andere knopen.
  • Een schaar

Naald met dubbel garen en 2 knoopjes in het einde

Om een knoop aan te zetten heb je ongeveer 20 tot 40 cm garen nodig. Ik gebruik een langer stuk garen, dat ik dubbel gebruik. Dat is steviger en je wilt dat je knoop stevig vastzit.

Knip het stuk garen af en steek het door het oog van de naald. Trek het garen ongeveer 6 cm door het oog. Of, gebruik je het garen dubbel, dan trek je de twee delen garen gelijk. Maak 2x een gewone knoop in het einde van het garen, op dezelfde plek, en laat 6 cm over.

Voorkant

Achterkant

Steek de naald aan de achterkant of binnenkant van je kledingstuk door de stof, op de plek waar de knoop moet komen. Ga terug de stof in en weer naar voren. Nu zit je garen goed vast om te beginnen. Door de knoopjes aan het einde van het garen, glipt deze niet meer los.

Knoop met 2 gaten

Knoop met 4 gaten

Knoop met lusje aan de achterkant

 

Steek de naald door een van de gaatjes in de knoop. Ga terug door een ander gaatje. Heeft je knoop 4 gaatjes, maak dan een X of = Kijk hoe de andere knopen vast zitten om het gelijk te maken. Steek de naald weer in de stof, dichtbij waar je uit bent gekomen, maar niet door hetzelfde gaatje.

Naald door de knoop

Herhaal dit 2 tot 4 keer per serie gaten, totdat de knoop stevig vastzit. Is je stof dik, trek het garen dan niet te strak aan, zodat de stof van het knoopsgat deel van je kleding nog tussen de knoop en je stof past. Je kan ook, voordat je de laatste keer de stof terug in gaat, het garen 2x om het garen tussen de stof en de knoop wikkelen.

Blijf dicht bij elkaar steken, maar niet door hetzelfde gaatje

Eindig met de naald aan de achterkant/binnenkant van je kledingstuk. Nu gaan we afwerken. Je bent er bijna! 😉

Naald door de stof voor afwerken

Steek de naald 1 of 2 mm naast de knoop in de stof en naai oppervlakkig, alleen door de achterkant. Doe dit nog een keer, in een andere richting.

Knoopje maken

Draadjes afknippen

Knoop het einde van het garen vast met het restje garen (waar de naald nog aan zit). Maak 2 of 3 knoopjes. Nu raakt die knoop niet meer zomaar los! De losse draadjes kan je nu op 5 mm afknippen.

Knoop door een knoopsgat

Ziezo, jij hebt een knoop aangezet. Gefeliciteerd 😉 Oefening baart kunst. Lukt het de eerste keer niet zo mooi, dan zul je zien dat de tweede keer al veel makkelijker gaat.

Groeten,

Ineke

PS. Kom je er niet uit en wil je liever op naailes? Van harte welkom bij Naailes Naaiatelier Krul in Nijmegen Lent.

Spelden cactus